30 April 2026

“Tussen de dijken en de weilanden van Doornenburg liggen mijn mooiste jeugdherinneringen”

Examenproduct

Dit is een examenproduct van Reggie Kaak.

Als je al je hele leven in Doornenburg woont, merk je het misschien niet meteen. Maar als je even goed om je heen kijkt, zie je dat ons dorp de afgelopen twintig jaar best veel is veranderd. Nieuwe huizen, andere functies voor oude gebouwen en plekken die verdwijnen of juist opnieuw tot leven komen. Voor jongeren zoals ons is Doornenburg misschien gewoon “zoals het is”, maar eigenlijk zitten we midden in een dorp dat volop in beweging is.

Neem bijvoorbeeld De Blauwe Hoek. Dit nieuwbouwproject, dat rond de zomer van 2025 werd afgerond, heeft ervoor gezorgd dat er ineens veel nieuwe woningen bij zijn gekomen. Starters, gezinnen en ouderen kunnen hier allemaal terecht. Dat betekent dus ook: nieuwe gezichten in het dorp. Meer jongeren die hier kunnen blijven wonen in plaats van weg te trekken.

Volgens dorpsbewoner Peter Kaak is dat een goede ontwikkeling: “Als jongeren hier geen huis kunnen krijgen, vertrekken ze. Dan verliest een dorp langzaam zijn ziel.” En daar zit wel wat in. Want juist die mix van jong en oud maakt Doornenburg levendig.

Toch verandert er niet alleen iets door wat erbij komt, maar ook door wat verdwijnt. Veel jongeren kennen de plek van Ancari misschien alleen van verhalen. Waar later ook nog Bongo’s Bar zat, is het inmiddels al jaren stil. Sinds de brand in 2016 en het sluiten van de bar in 2021 ligt het terrein er verlaten bij. Er zijn plannen voor een nieuw project, Anna van Cato, maar dat heeft vertraging opgelopen.

Kaak zegt daarover: “Sommige plekken dragen herinneringen. Als die verdwijnen, voelt dat alsof een stukje van het dorp verdwijnt.” En dat gevoel herkennen veel oudere bewoners. Maar tegelijk biedt zo’n plek ook kansen voor iets nieuws. Misschien wel een plek waar onze generatie straks weer nieuwe herinneringen maakt.”

Een andere grote verandering is de St. Martinuskerk. In september 2025 vond daar de laatste kerkdienst plaats. Best gek eigenlijk, want voor veel mensen was dat altijd een centraal punt in het dorp. Maar het gebouw krijgt een nieuwe functie: de basisschool gaat het gebruiken.

Waar vroeger religie centraal stond, komt nu onderwijs op die plek. “Gebouwen veranderen, maar het gaat erom dat ze gebruikt blijven worden,” zegt Kaak. En dat klopt: leegstand helpt niemand, maar een nieuwe invulling kan juist weer leven brengen.

Ook op het gebied van zorg en wonen is er veel veranderd. Het oude schoolgebouw De Merlijn werd rond 2015 omgebouwd tot een zorgvoorziening. Sinds 2016 wonen daar mensen die zelfstandig leven, maar wel 24-uurs zorg krijgen. Dat is een heel ander gebruik dan vroeger, toen het nog een plek was waar kinderen in de klas zaten.

Voor jongeren lijkt dat misschien minder relevant, maar eigenlijk zegt het veel over hoe een dorp zich aanpast aan de behoeften van zijn inwoners. Er komen meer ouderen, en dus is er meer zorg nodig. Door zulke oplossingen kunnen mensen langer in Doornenburg blijven wonen.

En dan is er nog de sport. Want ook daar verandert het een en ander. De voetbalclub GVA en de tennisclub willen in de toekomst samenwerken op één plek. Een grasveld wordt omgebouwd tot kunstgras en de tennisbanen verhuizen. Dat betekent betere faciliteiten en meer samenwerking.

Volgens Kaak is dat typisch voor deze tijd: “Vroeger had elke club zijn eigen plek, nu zie je dat dingen gecombineerd worden. Dat is soms even wennen, maar uiteindelijk vaak beter.” Voor jongeren kan dit juist positief zijn: meer sportmogelijkheden op één plek en misschien ook meer gezelligheid.

Als je alles bij elkaar optelt, zie je dat Doornenburg niet ineens compleet anders is geworden. Het kasteel staat er nog, de dijken zijn hetzelfde en veel mensen kennen elkaar nog steeds. Maar onder de oppervlakte verandert er best veel.

Nieuwe huizen zorgen voor nieuwe bewoners. Oude gebouwen krijgen een nieuwe functie. Bekende plekken verdwijnen en maken plaats voor iets nieuws. Het dorp groeit en past zich aan, zonder helemaal zijn identiteit te verliezen.

Misschien vat Kaak het nog wel het beste samen: “Doornenburg verandert, maar het blijft wel Doornenburg. Dat is het mooie eraan.”

Voor ons als jongeren is dat eigenlijk best mooi. We groeien op in een dorp dat zich blijft ontwikkelen, waar dingen gebeuren en waar ook steeds meer kansen ontstaan om hier te blijven wonen. Dus de volgende keer dat je door het dorp fietst, kijk eens goed om je heen. Grote kans dat wat je ziet er tien jaar geleden nog heel anders uitzag. Of er over tien jaar misschien niet meer is.